Karakter van de druif Grüner Veltliner

Wat betreft witte wijnen heeft Oostenrijk twee sterke troeven in handen: de riesling en de grüner veltliner. Met beide druivensoorten heeft het land de afgelopen jaren wijnen geproduceerd die zich kunnen meten met de beste witte wijnen ter wereld. De Oostenrijkse Rieslings zullen, ondanks hun geheel eigen, streekgebonden karakter, altijd concurrentie blijven hebben van Rieslings uit Duitsland, de Elzas of de nieuwe wereld. De grüner veltliner daarentegen is (vrijwel) uniek voor Oostenrijk. Niet voor niets is het de eerste druivensoort die in Oostenrijk een eigen appellatie heeft gekregen: de DAC (Districtus Austriae Controllatus) Weinviertel is alleen bestemd voor Grüner Veltliners die aan strikte kwaliteitseisen voldoen.  

Hoewel hij ook voorkomt in enkele voormalige Oostbloklanden, wordt de grüner veltliner beschouwd als autochtoon Oostenrijks ras. Waarschijnlijk werd hij al in de Romeinse tijd verbouwd. De druif neemt zo'n 37% in van de totale aanplant en is daarmee de meest voorkomende soort van het land. Hij is vooral te vinden in de wijngebieden van Niederösterreich (Wachau, Kamptal, Kremstal, Weinviertel en Wien).  

Net als de riesling past de grüner veltliner zich makkelijk aan aan klimaat en terroir. Gezien zijn van nature hoge opbrengst werd hij tot 20 jaar terug vooral aangeplant op vlakke, makkelijk te bewerken wijngaarden en werd hij gebruikt voor de productie van eenvoudige 'slobberwijntjes' voor de karakteristiek Oostenrijkse 'Heurigen'.
Pas sinds de invoering van de uiterst strenge wijnwetgeving werden de bijzondere kwaliteiten van de druif ontdekt, die zich vooral openbaren bij een hogere rijpingsgraad en een beperkt rendement: de aromatische complexiteit, de concentratie, de aantrekkelijke fruitige (citrus, groene appel, tropisch fruit), florale en groenteachtige (asperge) tonen, mineralen en de karakteristieke impressie van verse witte peper. In Oostenrijk zelf spreekt men van een 'Pfefferl'.

Net als de riesling bezit de grüner veltliner een hoge zuurgraad die bijdraagt tot zijn grote rijpingspotentieel. Vooral na enkele jaren rijping (doorgaans zonder enig hout) komt de streek van herkomst tot uitdrukking in de wijn. Het scala loopt uiteen van elegante, zeer verfijnde wijnen afkomstig van de löss-gronden van Kremstal en Kamptal, tot massieve, bijzonder complexe, rijke wijnen uit de rotsachtige Wachau-streek. Het zuivere, pure karakter van de Grüner Veltliners maakt ze zeer breed
inzetbaar in de hedendaagse gastronomie; ze zijn vooral geschikt bij gerechten waarbij gebruik gemaakt wordt van verse, natuurlijke ingrediënten en zuivere aroma's.  

Bron: Proefschrift - november/december 2004


Terug webpagina Alle druivensoorten: Grüner Veltliner